Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Ontstaan en loop van het geding
- verklaart de beroepen gegrond;
- vernietigt de uitspraken op bezwaar voor zover deze betrekking hebben op de boetebeschikkingen en laat deze voor het overige in stand;
- vermindert de boeten tot respectievelijk € 159.615 (2012) en € 12.550 (2013) en bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde deel van de bestreden besluiten;
- veroordeelt [de inspecteur] in de proceskosten van [belanghebbende] tot een bedrag van € 1.050;
- draagt [de inspecteur] op het betaalde griffierecht van € 345 aan [belanghebbende] te vergoeden.”
2.Feiten
1. Achtergrond
2.Berekening
3. Stukken
4.Vervolg
Hof: belanghebbende] waarvan cliënt aandeelhouder is. Deze voordelen zijn thans niet op een juiste wijze verantwoord (geweest)in de aangiften vennootschapsbelasting van de vennootschap. Dat betekent dat ook deze vennootschap in de inkeer betrokken moet worden en voorts dat in de inkomstenbelasting alsnog rekening gehouden moet worden met dividenduitkeringen die in box 2 belast zijn. Client verzoekt u hier in de berekeningen alsnog rekening mee te houden.
3.Geschil in hoger beroep
4.Beoordeling van het geschil
Kamerstukken II1995/96, 23 470, nr. 11, blz. 10):
en volledigeaangifte doet dan wel (kort gezegd) juiste
en volledigeinlichtingen heeft verstrekt (cursiveringen door het Hof), voordat hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden dat de inspecteur met de (onjuistheid of
)onvolledigheid bekend is of zal worden. Naar het oordeel van het Hof houdt dit vereiste tevens in dat indien een belastingplichtige aanvankelijk onvolledige inlichtingen heeft gegeven en op een later tijdstip alsnog volledige inlichtingen verstrekt, getoetst moet worden of de belastingplichtige ook op dat latere tijdstip niet wist of redelijkerwijs niet behoefde te vermoeden dat de inspecteur met de onvolledigheid bekend zou worden. Alleen in dat laatste geval kan gesproken worden van een daadwerkelijke en volledige inkeer, geheel uit eigen beweging, als bedoeld in artikel 67n AWR.
Opzet
6.Beslissing
de Hoge Raad der Nederlanden via het webportaal van de Hoge Raad www.hogeraad.nl.
de Hoge Raad der Nederlanden (belastingkamer), postbus 20303, 2500 EH Den Haag. Alle andere personen en gemachtigden die beroepsmatig rechtsbijstand verlenen, zijn in beginsel verplicht digitaal te procederen (zie www.hogeraad.nl).
Wie niet verplicht is om digitaal te procederen, kan op vrijwillige basis digitaal procederen. Hieronder leest u hoe een cassatieberoepschrift wordt ingediend.
www.hogeraad.nl. Informatie over de inlogmiddelen vindt u op
www.hogeraad.nl.
Een professionele gemachtigde moet altijd digitaal procederen, ongeacht voor wie de gemachtigde optreedt.
de Hoge Raad der Nederlanden (belastingkamer), postbus 20303, 2500 EH Den Haag.