ECLI:NL:CRVB:2017:501
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijzondere bijstand voor kosten bewindvoering wegens draagkracht boven norm
Appellant had beschermingsbewind ingesteld gekregen en vroeg bijzondere bijstand aan voor de kosten daarvan over juli en augustus 2014. De gemeente wees de aanvraag af omdat het netto-inkomen van appellant hoger was dan 110% van de toepasselijke bijstandsnorm, ondanks dat bijna €600 beslag lag op zijn inkomen.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze afwijzing ongegrond. In hoger beroep bevestigde de Centrale Raad van Beroep dit oordeel. De Raad overwoog dat de draagkracht wordt beoordeeld op het netto-inkomen, ook als daar beslag op ligt, en dat het ontbreken van voldoende besteedbaar inkomen door beslag geen bijzondere omstandigheid is die rechtvaardigt dat bijzondere bijstand wordt toegekend.
De Raad verwees naar vaste rechtspraak waarin is bepaald dat het verlenen van bijzondere bijstand voor schulden niet is toegestaan. De kosten van bewindvoering werden als noodzakelijke bijzondere kosten erkend, maar konden niet worden betaald uit bijzondere bijstand omdat het inkomen boven de norm lag.
Daarmee is het hoger beroep ongegrond verklaard en is de afwijzing van de bijzondere bijstand voor de bewindvoeringskosten bevestigd.
Uitkomst: De afwijzing van bijzondere bijstand voor de kosten van bewindvoering wordt bevestigd omdat het netto-inkomen boven de bijstandsnorm lag ondanks beslag.