ECLI:NL:CRVB:2012:BW8071
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- E.J.M. Heijs
- A.B.J. van der Ham
- J.F. Bandringa
- Rechtspraak.nl
Herroeping besluit niet in behandeling nemen aanvraag bijstand wegens ontbreken schriftelijke aanvraag
Appellant meldde zich op 15 september 2008 bij de Centrale organisatie werk en inkomen (CWI) om bijstand aan te vragen en ontving een formulier met het verzoek om een schriftelijke aanvraag in te dienen. Ondanks herhaalde verzoeken heeft appellant geen schriftelijke aanvraag ingediend. Het college besloot de aanvraag niet in behandeling te nemen op grond van artikel 4:5 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
De rechtbank verklaarde het bezwaar tegen dit besluit niet-ontvankelijk omdat zij oordeelde dat de brief van het college geen besluit met rechtsgevolg was. In hoger beroep stelde appellant dat zijn melding als aanvraag moest worden aangemerkt en dat het college hem had moeten helpen bij het invullen van het formulier.
De Raad oordeelde dat een aanvraag om bijstand schriftelijk moet worden gedaan en dat de melding op 15 september 2008 geen aanvraag was. Het college had voldaan aan zijn verplichting door het verstrekken van het aanvraagformulier. De brief van 29 september 2008 was wel een besluit met rechtsgevolg waartegen bezwaar mogelijk was. De Raad vernietigde het oordeel van de rechtbank over de ontvankelijkheid van het bezwaar, herroept het besluit van 29 september 2008 en bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van het bestreden besluit.
Uitkomst: De Raad herroept het besluit van het college om de aanvraag niet in behandeling te nemen en verklaart het bezwaar ontvankelijk.