ECLI:NL:CRVB:2011:BR5276
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- C.P.J. Goorden
- M. Greebe
- Rechtspraak.nl
Centrale Raad van Beroep wijst op noodzaak medische onderbouwing bij weigering heropening WAO-uitkering
Appellante, die eerder een WAO-uitkering ontving wegens psychische klachten, werd door het UWV geweigerd een WIA-uitkering toe te kennen. Het UWV stelde dat haar huidige arbeidsongeschiktheid een andere oorzaak had dan de eerdere WAO-uitkering. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar de Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het besluit van het UWV onvoldoende medische onderbouwing bevatte.
De Raad benadrukte dat volgens artikel 43a WAO een heropening van de uitkering mogelijk is indien binnen vijf jaar na intrekking van de WAO-uitkering opnieuw arbeidsongeschiktheid ontstaat door dezelfde oorzaak. Bij psychische aandoeningen zoals depressies kan sprake zijn van recidieven waarbij niet volledig herstel is ingetreden, wat een Amber-beoordeling vereist.
De bezwaarverzekeringsarts stelde dat de klachten in 2005 een andere oorzaak hadden dan die in 1997, maar de Raad vond dit onvoldoende onderbouwd. De Raad verwees naar eerdere rechtspraak waarin werd gesteld dat bij recidiverende depressieve perioden niet zonder meer kan worden aangenomen dat sprake is van een andere oorzaak.
De Raad gaf het UWV opdracht binnen zes weken een nieuw besluit te nemen met een gedegen rapportage van de bezwaarverzekeringsarts waarin de medische gegevens, inclusief een psychiatrisch rapport uit 2010, worden betrokken. Hiermee wordt beoogd het geschil definitief te beslechten.
Uitkomst: Het besluit van het UWV wordt vernietigd en het UWV krijgt opdracht een nieuw besluit te nemen met een betere medische onderbouwing.