ECLI:NL:CRVB:2010:BO0490
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- R.H.M. Roelofs
- O.L.H.W.I. Korte
- Rechtspraak.nl
Bevestiging beperking tijdsduur ontheffing arbeidsverplichtingen bij WWB
Appellante had bezwaar gemaakt tegen het besluit van het College van burgemeester en wethouders van Rotterdam om haar ontheffing van arbeidsverplichtingen slechts tijdelijk toe te kennen tot 11 augustus 2008. Het College had aanvankelijk de verplichtingen opgelegd, daarna ontheffing verleend op basis van een arbeidsmedisch advies van Aob Compaz.
De voorzieningenrechter verklaarde het beroep tegen het besluit van 20 februari 2008 ongegrond. In hoger beroep stelde appellante dat de ontheffing voor onbepaalde tijd of ten minste vijf jaar had moeten gelden vanwege haar lichamelijke gesteldheid.
De Raad oordeelde dat de WWB gericht is op stimulering van arbeidsinschakeling en dat ontheffing voor onbepaalde tijd of voor vijf jaar niet strookt met deze doelstelling. Het College mocht het besluit baseren op het medisch advies dat een tijdelijke ontheffing adviseerde met een heronderzoek na een half jaar. Appellante had geen medische gegevens overgelegd die het advies of de zorgvuldigheid ervan in twijfel trokken.
Daarom bevestigde de Raad het besluit van het College en de uitspraak van de voorzieningenrechter, zonder toewijzing van proceskosten. De ontheffing werd terecht beperkt in tijd en eindigde op 11 augustus 2008.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat het College de ontheffing van arbeidsverplichtingen terecht heeft beperkt tot 11 augustus 2008.