ECLI:NL:RVS:2022:84
Raad van State
- Hoger beroep
- D.A. Verburg
- H.G. Sevenster
- J.TH. Drop
- Rechtspraak.nl
Beoordeling asielaanvraag Sudanese vreemdeling uit Darfur met betrekking tot uitzonderlijke situatie en groepsrisico
De zaak betreft het hoger beroep van een Sudanese vreemdeling uit de niet-Arabische bevolkingsgroep Fur uit West-Darfur tegen de afwijzing van zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De staatssecretaris had het verzoek afgewezen op grond van het beëindigen van het 15c-beleid voor Darfur, waarbij werd aangenomen dat de veiligheidssituatie was verbeterd.
De rechtbank had het beroep gegrond verklaard en het besluit vernietigd wegens een ondeugdelijke motivering over het groepsrisico, maar de rechtsgevolgen in stand gelaten. De Raad van State toetste het hoger beroep en oordeelde dat de vreemdeling onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat sprake was van een uitzonderlijke situatie waarbij alleen door aanwezigheid in Darfur een reëel risico op ernstige schade bestaat. Ook was het groepsrisico onvoldoende onderbouwd, mede gelet op het Ambtsbericht Sudan 2019 en recente artikelen.
Daarnaast vond de Afdeling dat het persoonlijk risico op vervolging of ernstige schade niet aannemelijk was gemaakt, mede door het ongeloofwaardige asielrelaas en het ontbreken van concrete individualiseerbare omstandigheden. De klachten over onvoldoende aandacht voor jeugdige leeftijd en moedertaal werden verworpen. De Afdeling bevestigde de eerdere uitspraken van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de eerdere uitspraken worden bevestigd, waarbij de asielaanvraag wordt afgewezen.