ECLI:NL:RVS:2018:3323
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- G. van der Wiel
- A.J.C. de Moor-van Vugt
- Rechtspraak.nl
Vaststelling meerderjarigheid vreemdeling en beoordeling Dublinprocedure
De staatssecretaris heeft op 2 februari 2018 een aanvraag van een Soedanese vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en bepaalde dat de staatssecretaris een nieuw besluit moest nemen. De staatssecretaris stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak.
De Raad van State oordeelt dat de vreemdeling in Italië als meerderjarig is geregistreerd en dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel geldt. De vreemdeling slaagde er niet in dit te weerleggen met objectief bewijs. Verklaringen van Nidos en de vreemdeling zelf zijn onvoldoende om minderjarigheid aan te tonen. De staatssecretaris heeft terecht geen leeftijdsonderzoek aangeboden.
Verder oordeelt de Raad dat de staatssecretaris tijdig een verzoek om overname bij Italië heeft ingediend binnen de verlengde termijnen van de Dublinverordening. Ook is onvoldoende aannemelijk gemaakt dat terugkeer naar Italië een reëel risico op schending van artikel 3 EVRM Pro oplevert. Het hoger beroep van de staatssecretaris wordt gegrond verklaard, het vonnis van de rechtbank vernietigd en het beroep van de vreemdeling ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en het besluit van de staatssecretaris bevestigd.