ECLI:NL:RVS:2018:1442
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Sevenster
- N. Verheij
- G.M.H. Hoogvliet
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank over weigering boetes korpschef politie wegens overtreding Wet politiegegevens
De zaak betreft het hoger beroep van appellant tegen het besluit van de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) om geen bestuurlijke boetes op te leggen aan de korpschef van politie wegens vermeende overtredingen van de Wet politiegegevens (Wpg). Appellant stelde dat de korpschef de protocolplicht had geschonden en dat de AP onterecht had afgezien van het opleggen van boetes.
De rechtbank had het beroep van appellant gegrond verklaard en het besluit van de AP vernietigd, maar de rechtsgevolgen van dat besluit in stand gelaten. De Afdeling bestuursrechtspraak heeft het hoger beroep behandeld en uitgebreid de wettelijke bepalingen en beleidsregels omtrent de protocolplicht en boetebevoegdheid van de AP onderzocht.
De Afdeling oordeelde dat de AP binnen haar beleidsruimte had gehandeld door te volstaan met een normoverdragend gesprek en het opleggen van een last onder dwangsom, mede gezien de invoering van een nieuw systeem dat automatische vastlegging van handelingen mogelijk maakt. Tevens werd geoordeeld dat de AP terecht geen boetes oplegde voor overtredingen die niet beboetbaar zijn gesteld in de Wpg.
Verder werd bevestigd dat de AP een onafhankelijke toezichthouder is en dat de toepassing van de bestuurlijke lus door de rechtbank niet leidde tot schending van het recht op een eerlijk proces. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het hoger beroep ongegrond.