ECLI:NL:RVS:2017:953
Raad van State
- Hoger beroep
- A.W.M. Bijloos
- G.T.J.M. Jurgens
- B.P.M. van Ravels
- Rechtspraak.nl
Vermindering bestuurlijke boete wegens verhuur woonruimte aan toeristen zonder vergunning
Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam legde aan appellant een bestuurlijke boete van €24.000 op wegens overtreding van artikel 30, eerste lid, aanhef en onder a, van de Huisvestingswet door het zonder vergunning verhuren van woonruimte aan toeristen. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, maar appellant stelde hoger beroep in bij de Raad van State.
De Raad van State oordeelde dat appellant als professionele verhuurder verantwoordelijk is voor het toezicht op het gebruik van zijn panden. Appellant had onvoldoende aannemelijk gemaakt dat hij niet wist of kon weten dat de woonruimten aan toeristen werden verhuurd. Wel achtte de Afdeling het relevant dat appellant zelf de overtreding via het makelaarskantoor bij de gemeente had gemeld en dat het meldpunt Zoeklicht niet duidelijk maakte welke verplichtingen en risico's voor eigenaren daaraan verbonden zijn.
Daarom werd de boete met 25% gematigd tot €18.000. De Afdeling vernietigde het eerdere besluit en de uitspraak van de rechtbank en bepaalde dat deze uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde besluit. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellant.
Uitkomst: De bestuurlijke boete wordt gematigd tot €18.000 en het hoger beroep gegrond verklaard.