ECLI:NL:RVS:2014:2853
Raad van State
- Hoger beroep
- C.J. Borman
- A.B.M. Hent
- C.M. Wissels
- Rechtspraak.nl
Bevestiging boete voor illegale verhuur zonder huisvestingsvergunning in Rotterdam
Het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam legde op 4 juni 2012 een bestuurlijke boete van €4.000,- op aan [appellante] wegens het in gebruik geven van woonruimte aan een persoon zonder huisvestingsvergunning. Na een inspectie op 29 maart 2012 bleek dat de woonruimte aan een huishouden zonder vergunning was verhuurd. Het bezwaar van [appellante] werd ongegrond verklaard en ook de rechtbank Rotterdam wees het beroep af.
[Appellante] voerde aan dat zij niet zelf de woonruimte in gebruik had gegeven, omdat het beheer en verhuur aan een makelaar was uitbesteed. De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog echter dat de eigenaar verantwoordelijk blijft en zich tot op zekere hoogte moet informeren over het gebruik van het pand. Het inschakelen van een makelaar doet hieraan niet af.
Verder stelde [appellante] dat de boete onredelijk hoog was en niet passend binnen het evenredigheidsbeginsel, mede omdat zij geen malafide huisjesmelker was en geen financieel voordeel had behaald. De Afdeling oordeelde dat de boetebedragen wettelijk zijn vastgesteld en in overeenstemming met het evenredigheidsbeginsel, mede gezien het maatschappelijke belang van het tegengaan van onrechtmatige bewoning.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de boete van €4.000,- voor het in gebruik geven van woonruimte zonder huisvestingsvergunning.