ECLI:NL:RVS:2016:1957
Raad van State
- Hoger beroep
- M. Vlasblom
- G.T.J.M. Jurgens
- F.D. van Heijningen
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank wegens misbruik van recht bij Wob-verzoek verkeersboete
De minister van Veiligheid en Justitie heeft op 20 februari 2014 een Wob-verzoek van wederpartij deels toegewezen en deels afgewezen. Wederpartij, vertegenwoordigd door gemachtigde, stelde bezwaar en beroep in tegen het besluit en het niet tijdig nemen van een besluit. De rechtbank verklaarde het beroep niet-ontvankelijk en vernietigde het besluit op bezwaar.
De minister ging in hoger beroep bij de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de gemachtigde van wederpartij misbruik maakte van de bevoegdheid om Wob-verzoeken in te dienen en beroep te voeren, door het verzoek onduidelijk en onnodig ingewikkeld te formuleren en het verkeerde adres te gebruiken, waardoor de besluitvorming werd bemoeilijkt. Dit was een bewuste keuze, mede omdat alternatieve rechtsmiddelen voor het verkrijgen van informatie over verkeersboetes bestaan.
De Raad van State vernietigde de uitspraak van de rechtbank, verklaarde het beroep niet-ontvankelijk wegens misbruik van recht en vernietigde het besluit van 3 juni 2015. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van wederpartij wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens misbruik van recht en de uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd.