Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 1 april 2025 in de zaak tussen
[eiser], uit [plaats], eiser
Inleiding
Totstandkoming van het besluit
Beoordeling door de rechtbank
. [5]
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Eiser ontving sinds 2015 een bijstandsuitkering. Het college herzag de uitkering over augustus en september 2023 omdat eiser diverse bedragen ontving die als inkomen werden aangemerkt, maar niet aan het college waren gemeld. Eiser betwistte de kwalificatie van de ontvangen bedragen als inkomen, stellende dat het leningen betrof en dat het college onvoldoende onderzoek had gedaan naar zijn inkomenssituatie.
De rechtbank oordeelde dat de bijschrijvingen een terugkerend karakter hadden en dat leningen niet zijn uitgesloten van het middelenbegrip volgens de Participatiewet. Eiser had niet aannemelijk gemaakt dat hij niet vrijelijk over de bedragen kon beschikken of dat de leningen waren bedoeld voor levensonderhoud en terugbetaling op het moment van betaling was afgesproken.
De rechtbank stelde vast dat eiser de inlichtingenplicht had geschonden door de bijschrijvingen niet te melden. Dit vormde een grond voor herziening van de uitkering. Het beroep werd ongegrond verklaard, de herziening bleef in stand en eiser kreeg geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de herziening van de bijstandsuitkering wegens schending van de inlichtingenplicht.