ECLI:NL:RBMNE:2024:5261
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Intrekking vergunningen speelautomaten wegens ernstig gevaar benutting voordeel uit strafbare feiten
Deze bestuursrechtelijke uitspraak betreft de intrekking van vergunningen voor het exploiteren van speelautomaten door de Kansspelautoriteit (Ksa) aan twee ondernemingen, waarvan de bestuurder indirect verbonden is met een veroordeelde persoon die strafbare feiten heeft gepleegd en van wie ruim 24 miljoen euro aan wederrechtelijk verkregen voordeel is ontnomen.
De rechtbank oordeelt dat de bestuurder belanghebbende is vanwege de reële mogelijkheid van aantasting van zijn eer en goede naam door de associatie met deze veroordeelde persoon. De Ksa heeft terecht een ernstig gevaar vastgesteld dat de vergunningen mede worden gebruikt om voordeel uit strafbare feiten te benutten, gebaseerd op de vermogensverschaffing door deze veroordeelde en de aard en omvang van het voordeel.
Argumenten van de belanghebbende over het doorbreken van financiële banden, het tijdsverloop sinds de lening en het intrekken van andere vergunningen worden verworpen. Ook het standpunt dat de Ksa had moeten volstaan met het verbinden van voorschriften wordt niet gevolgd. De rechtbank bevestigt dat de intrekking proportioneel en gerechtvaardigd is.
De beroepsgronden over een zakelijk samenwerkingsverband met een andere veroordeelde persoon behoeven geen bespreking, omdat de intrekking op basis van vermogensverschaffing zelfstandig standhoudt. Het beroep wordt ongegrond verklaard, waardoor de vergunningen ingetrokken blijven en geen vergoeding van griffierecht of proceskosten wordt toegekend.
Uitkomst: Het beroep tegen de intrekking van de vergunningen wordt ongegrond verklaard, waardoor de vergunningen ingetrokken blijven.