Eiser heeft een asielaanvraag ingediend die door de minister is afgewezen als kennelijk ongegrond vanwege onvoldoende bewijs van zijn identiteit, nationaliteit en herkomst. De rechtbank oordeelt dat eiser onvoldoende inspanningen heeft verricht om zijn identiteit en nationaliteit aannemelijk te maken en dat hij verwijtbaar geen documenten heeft overgelegd ter onderbouwing van zijn asielmotief.
De rechtbank constateert dat de minister terecht twijfelt aan de geloofwaardigheid van eisers verklaringen en dat het ontbreken van documenten niet voldoende is verklaard. De minister heeft ook terecht het vermoeden van minderjarigheid ontzenuwd door onderzoek naar de registratie in Italië, waar eiser tegenstrijdige gegevens heeft verstrekt.
Hoewel de rechtbank het beroep gegrond verklaart vanwege een motiveringsgebrek bij de leeftijdsschouw, vernietigt zij het bestreden besluit maar laat de rechtsgevolgen, waaronder het terugkeerbesluit en het inreisverbod, in stand. Eiser wordt een proceskostenvergoeding toegekend.