ECLI:NL:RVS:2025:3801
Raad van State
- Hoger beroep
- J.H. van Breda
- C.M. Wissels
- M.J.M. Ristra-Peeters
- Rechtspraak.nl
Vaststelling en beoordeling leeftijdsschouw bij asielzoeker zonder authentieke documenten
Betrokkene, een Eritrese asielzoeker, stelde minderjarig te zijn bij zijn asielaanvraag in 2021, maar kon dit niet met authentieke documenten onderbouwen. De minister verleende een verblijfsvergunning, maar twijfelde aan de opgegeven geboortedatum vanwege tegenstrijdige leeftijdsschouwen door AVIM en IND en een Italiaanse registratie met een andere geboortedatum.
De rechtbank oordeelde dat de leeftijdsschouw onbetrouwbaar en niet kindvriendelijk was, stelde de leeftijd van betrokkene vast op 1 maart 2004 en vernietigde het besluit van de minister. De minister ging in hoger beroep.
De Raad van State concludeert dat het beleid en de uitvoering van leeftijdsschouwen in algemene zin zorgvuldig en bruikbaar zijn, maar dat de specifieke schouwen in deze zaak niet inzichtelijk en concludent waren. De minister mocht daarom de schouwen niet gebruiken om twijfel aan de leeftijd te onderbouwen. Ook was de motivering voor het gewicht van de Italiaanse registratie onvoldoende.
De rechtbank mocht niet zelf de leeftijd vaststellen omdat de minister de verklaringen geloofwaardig achtte. De Raad van State vernietigt daarom dat deel van de uitspraak en bevestigt de rest, en beveelt dat de minister een nieuw besluit neemt met een deugdelijk onderzoek bij twijfel over de leeftijd.
Uitkomst: Hoger beroep gegrond verklaard, uitspraak rechtbank vernietigd voor zover leeftijd is vastgesteld op 1 maart 2004, minister moet nieuw besluit nemen.