ECLI:NL:RBDHA:2024:19756
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A.S. Gaastra
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag op grond van Dublinverordening Frankrijk
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de minister om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen, omdat Nederland Frankrijk als verantwoordelijke lidstaat heeft aangewezen op grond van de Dublinverordening. Eiser stelde dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet toepasbaar is vanwege structurele tekortkomingen in de Franse opvang en rechtsbijstand, en vreesde een onmenswaardige behandeling bij terugkeer.
De rechtbank oordeelt dat de minister terecht uitgaat van het interstatelijk vertrouwensbeginsel ten aanzien van Frankrijk. Hoewel de AIDA-rapporten problemen in de Franse opvang bevestigen, zijn deze niet van dien aard dat zij een onmenselijke of vernederende behandeling in de zin van het EU-Handvest rechtvaardigen. Ook het gebrek aan opvang bij opvolgende aanvragen en de verschillen in rechtsbijstand vormen geen reden om het vertrouwensbeginsel te verwerpen.
De rechtbank stelt dat de minister geen nader onderzoek hoefde te verrichten en dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat Frankrijk zijn internationale verplichtingen niet nakomt. Daarnaast is geen sprake van bijzondere individuele omstandigheden die toepassing van artikel 17 van Pro de Dublinverordening rechtvaardigen.
Het beroep wordt ongegrond verklaard, waardoor het besluit tot niet in behandeling nemen van de aanvraag in stand blijft en overdracht aan Frankrijk mogelijk is. Eiser krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot niet in behandeling nemen van de asielaanvraag blijft in stand.