Conclusie
PROCUREUR-GENERAAL
BIJ DE
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CONCLUSIE
eerste middelklaagt over het ontbreken van een beslissing in het arrest van het hof op een uitdrukkelijk onderbouwd standpunt dat verkregen gegevens (dataverkeer) wegens strijd met het Unierecht [2] onrechtmatig zijn verkregen en dat die strijdigheid moet leiden tot bewijsuitsluiting of strafvermindering.
eerste middelis terecht voorgesteld. Ik stel mij op het standpunt dat dit bij gebrek aan belang niet tot cassatie behoeft te leiden nu in de onderhavige zaak het voldoende is dat de Hoge Raad zelf het vormverzuim constateert.
tweede middelklaagt dat het hof bij het bepalen van de straf heeft meegewogen dat het feit persoonlijk leed en maatschappelijke onrust met zich bracht.
tweede middelis kansloos.
eerste middelis terecht voorgesteld maar behoeft niet tot cassatie leiden. Het tweede middel faalt en kan worden afgedaan met de aan art. 81, eerste lid, RO ontleende motivering.