Conclusie
1.
6.
7.
8.
9.
12..
13.
eerstemiddel bevat de klacht dat de bewijsmiddelen onvoldoende inhouden voor het oordeel (ten aanzien van het onder 1 en 2 tenlastegelegde) dat de verdachte ‘tezamen en in vereniging met een of meer anderen’ heeft gehandeld. ’s Hofs oordeel dat er sprake was van ‘medeplegen’ zou blijk geven van een onjuiste rechtsopvatting en/of onbegrijpelijk zijn, ‘in aanmerking genomen dat de bewezenverklaarde feitelijke handelingen duiden op een betrokkenheid die normaal gesproken met medeplichtigheid in verband wordt gebracht’. Het hof zou daarbij hebben nagelaten - ondanks een verweer dat hierop betrekking had - om op een voldoende duidelijke en overtuigende wijze uit te leggen waarom het ophalen van een container door een vervoerder en het in verband daarmee (intensief) contact onderhouden met de opdrachtgever in dit geval als medeplegen moet worden aangemerkt en niet als louter ondersteunende handelingen.
Feit 3
15.
16.
17.
18.
tweedemiddel bevat de klacht dat ’s hofs oordeel dat de verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het medeplegen van diefstal van een tweetal containers, telkens met gebruikmaking van een valse sleutel, blijk geeft van een onjuiste rechtsopvatting en/of onbegrijpelijk is, in aanmerking genomen dat de verdachte, in zijn hoedanigheid van transporteur, opdracht zou hebben gekregen de containers op te halen en te vervoeren en hij in beide gevallen de juiste pincode van de opdrachtgever had ontvangen, terwijl de bewijsmiddelen niets zouden inhouden waaruit zou kunnen worden afgeleid dat de verdachte wist dat er met de transportopdracht iets niet in orde was. De bewijsvoering zou onvoldoende inhouden voor het oordeel dat de verdachte als medepleger bij beide diefstallen betrokken is geweest. Zijn opzet zou niet gericht zijn geweest op het stelen van de containers en evenmin op het in dat kader samenwerken met één of meer andere personen. De bewijsmiddelen zouden niets inhouden waaruit dergelijke intenties blijken. Dat de verdachte geen openheid van zaken heeft gegeven inzake zijn opdrachtgevers en de ontvangst van de benodigde pincodes zou niet dwingen tot een ander oordeel.