Conclusie
PROCUREUR-GENERAAL
BIJ DE
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CONCLUSIE
middelbevat de klacht dat het hof in strijd met het bepaalde in de artikelen 358 en 359 Sv niet, althans onvoldoende gemotiveerd heeft aangegeven op welke wijze rekening is gehouden met de draagkracht van de verdachte bij de verbeurdverklaring ex art. 33, tweede lid, Sr.
Ik zal u stukken overleggen van de civiele procedure waarin bij vonnis een schadevergoeding van € 1.200 is toegekend.
Het klaagschrift waarin om teruggave van de auto is verzocht is ongegrond verklaard. Ook zal ik een taxatierapport overleggen. Het betreft de Mercedes uit deze zaak.
U houdt mij voor dat ik geen onbeschreven blad ben voor wat betreft het rijden met een vals kenteken. Dat heeft allemaal te maken met deze auto en met hetgeen in 2012 gebeurd is.
Ik ben dakloos en ik heb geen inkomen. Ik heb een klein pensioen en een gedeeltelijke AOW-uitkering van € 1.270,-- per maand. Ik leef alleen. Ik heb geen geld om een huis te huren. Ik wil niet in Nederland wonen. Ik zwerf in België, Duitsland en Luxemburg. De auto was verzekerd in Luxemburg.
Mijn cliënt bekent dat hij een kenteken van een andere auto op zijn auto had geplaatst en dat hij daarmee is gaan rijden Het chassisnummer van zijn auto was bij een eerdere inbeslagname beschadigd. Er is hem een schadevergoeding toegekend waar mijn cliënt lang op heeft moeten wachten. Ik verzoek u met deze omstandigheden rekening te houden in de onderhavige zaak. Het betreft een oude maar eenvoudige zaak waarin de redelijke termijn is overschreden. Mijn cliënt is op leeftijd en heeft geen noemenswaardige inkomsten. Een geldboete van € 1.000,-- is ook te hoog voor hem. Ik verzoek u hem schuldig te verklaren zonder een straf of maatregel op te leggen. De auto dient te worden teruggegeven, die verkeerde in een nette staat en had een waarde van € 5.000,--. Verbeurdverklaring van de auto staat in geen enkele verhouding tot het strafbare feit. Ik verzoek u in ieder geval met de verbeurdverklaring rekening te houden bij de hoogte van de straf.’
Het hof ziet geen aanleiding om de geldboete in termijnen op te leggen, nu verdachte en/of zijn raadsman daar niet om hebben verzocht.