Conclusie
2.Bespreking van het cassatiemiddel
Voor zover betrokkene met zijn opmerking dat de geneeskundige verklaring van 1 februari 2019 is ondertekend door geneesheer-directeur [betrokkene 2] , terwijl het onderzoek heeft plaatsgevonden door psychiater [betrokkene 8] , [10] betoogt dat dit niet mogelijk is, wijs ik op het volgende. Volgens vaste rechtspraak wordt aan de verklaring de eis gesteld dat deze door de geneesheer-directeur zelf wordt ondertekend, zodat blijkt van zijn instemming met en aanvaarding van zijn verantwoordelijkheid voor de inhoud van de verklaring, maar is niet vereist dat de geneeskundige verklaring (mede) wordt ondertekend door de psychiater die de betrokkene met het oog op de verzochte machtiging heeft onderzocht, [11] zodat de rechtbank niet van een onjuiste rechtsopvatting is uitgegaan.