ECLI:NL:PHR:2011:BP9038
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over recht op pleidooi in civiele procedure bij gelijktijdige afdoening incident en hoofdzaak
In deze zaak heeft eiseres D&S het aandelenkapitaal van een Argentijnse vennootschap verkocht aan Disco S.A., onderdeel van het Ahold-concern. Na diverse procedures en vonnissen in eerste aanleg en hoger beroep, waarbij D&S betaling van een aanzienlijk bedrag vorderde, is het geschil uiteindelijk aan de Hoge Raad voorgelegd.
De kern van het geschil betreft een procedurele vraag: heeft het hof het recht op pleidooi van D&S geschonden door zonder voorafgaand afzonderlijk beraad tegelijk arrest te wijzen in het incident en de hoofdzaak? D&S stelde dat het hof ten onrechte aannam dat partijen afzagen van pleidooi, terwijl zij zich uitsluitend hadden uitgelaten over het incident en niet over pleidooi in de hoofdzaak.
De Hoge Raad overwoog dat het recht op pleidooi, zoals bedoeld in art. 134 Rv Pro. in verbinding met art. 353 lid 1 Rv Pro. en art. 6 EVRM Pro, inhoudt dat partijen de gelegenheid moeten krijgen hun standpunt mondeling toe te lichten. Dit recht kan slechts worden ontnomen als partijen daarmee ondubbelzinnig instemmen of als de procedurele omstandigheden dit rechtvaardigen. In dit geval was er sprake van een misverstand over de procedurele gang, waarbij partijen dachten dat arrest alleen in het incident werd gevraagd.
De Hoge Raad concludeert dat het hof het recht op pleidooi heeft geschonden door zonder duidelijke toestemming van partijen tegelijk arrest te wijzen in het incident en de hoofdzaak. Daarom wordt het arrest vernietigd en wordt de zaak verwezen voor verdere behandeling waarbij partijen de gelegenheid tot pleidooi wordt geboden.
Uitkomst: Het arrest wordt vernietigd en de zaak verwezen voor verdere behandeling met gelegenheid tot pleidooi.