Uitspraak
1.PROCESVERLOOP
2.FEITEN
3.GESCHIL
4.OVERWEGINGEN
Vooraf
5.PROCESKOSTEN EN GRIFFIERECHT
6.DE BESLISSING
twee maandenna de verzenddatum hoger beroep instellen bij:
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
Belanghebbende kreeg voor de jaren 2015 en 2016 boetes opgelegd wegens het te laat indienen van de aangifte inkomstenbelasting. De Inspecteur stelde dat de boetes terecht waren omdat belanghebbende niet binnen de gestelde termijn had aangifte gedaan na aanmaning.
Belanghebbende voerde aan dat hij de aanmaningen niet had ontvangen, wat het Gerecht geloofwaardig achtte vanwege de slechte postbezorging in Curaçao. De Inspecteur kon niet overtuigend aantonen dat de aanmaningen daadwerkelijk waren ontvangen.
Daarom oordeelde het Gerecht dat de boetes niet in stand konden blijven. Daarnaast werd een immateriële schadevergoeding toegekend wegens overschrijding van de redelijke termijn, mede door uitzonderlijke omstandigheden zoals een grote brand bij de belastingdienst en de coronacrisis.
De Inspecteur werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en het betaalde griffierecht. Het beroep werd gegrond verklaard en de boetes vernietigd.
Uitkomst: De boetes voor te late aangifte inkomstenbelasting 2015 en 2016 zijn vernietigd omdat belanghebbende de aanmaningen niet heeft ontvangen.