Uitspraak
1.PROCESVERLOOP
2.FEITEN
3.GESCHIL EN STANDPUNTEN PARTIJEN
4.BEOORDELING VAN HET BEROEP
Ontvankelijkheid beroep
5.DE BESLISSING
twee maandenna de verzenddatum hoger beroep instellen bij:
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
Belanghebbende, een B.V. gevestigd te Curaçao, maakte bezwaar tegen verzuimboetes opgelegd wegens niet tijdige betaling van loonbelasting en premies over de periode juli 2014 tot en met december 2016. De Inspecteur handhaafde de boetes, waarna belanghebbende beroep instelde. Tijdens de procedure vernietigde de Inspecteur alle verzuimboetes ambtshalve.
Het Gerecht oordeelt dat het beroep niet-ontvankelijk is omdat het beroep geen gunstiger resultaat kan opleveren nu de boetes zijn vernietigd. Wel wordt vastgesteld dat de beroepstermijn pas begon te lopen toen de gemachtigde de uitspraken op bezwaar onder ogen kreeg, waardoor het beroep tijdig was ingediend.
Ten aanzien van de proceskostenvergoeding wordt een forfaitair bedrag toegekend voor de beroepsfase, terwijl een integrale vergoeding van de door belanghebbende gemaakte kosten wordt afgewezen. Dit omdat geen sprake is van ernstige onzorgvuldigheid of een toezegging van de Inspecteur dat betaling achterwege kon blijven. De Inspecteur wordt tevens veroordeeld tot vergoeding van de betaalde griffierechten.
Uitkomst: Het beroep tegen de verzuimboetes wordt niet-ontvankelijk verklaard en een forfaitaire proceskostenvergoeding toegekend.