ECLI:NL:HR:2012:BV9603
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- F.B. Bakels
- W.D.H. Asser
- C.E. Drion
- G. Snijders
- Rechtspraak.nl
Geen toepassing overgang onderneming en opvolgend werkgeverschap bij beëindigde arbeidsovereenkomst
De zaak betreft een geschil over de toepassing van de regels omtrent overgang van onderneming en opvolgend werkgeverschap in het arbeidsrecht. Eiseres was tot 31 maart 2008 in dienst bij Connexxion Taxi Services B.V. en trad vervolgens per 1 april 2008 in dienst bij een concurrent, verweerster, die het WMO-vervoer had overgenomen na aanbesteding.
Eiseres vorderde doorbetaling van loon en toelating tot haar werk op grond van overgang van onderneming (art. 7:663 BW Pro) en subsidiair opvolgend werkgeverschap (art. 7:668a lid 2 BW). De kantonrechter wees de primaire grondslag niet inhoudelijk toe, maar achtte de subsidiaire grondslag toewijsbaar. Het hof vernietigde dit en wees de vordering af, omdat de arbeidsovereenkomst met Connexxion was geëindigd vóór de overgang en er geen zodanige banden waren tussen de werkgevers dat opvolgend werkgeverschap kon worden aangenomen.
De Hoge Raad bevestigde het oordeel van het hof. Artikel 7:663 BW Pro is niet van toepassing als de arbeidsovereenkomst bij de overgang al is geëindigd. Ook de uitleg van artikel 7:668a lid 2 BW, aansluitend bij eerdere jurisprudentie, leidt niet tot opvolgend werkgeverschap omdat de nieuwe werkgever en de oude werkgever slechts concurrenten zijn zonder overname van activa of andere banden die het inzicht in de werknemer overdragen.
De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en veroordeelde eiseres in de proceskosten.
Uitkomst: Hoge Raad verwerpt cassatieberoep en bevestigt dat overgang onderneming en opvolgend werkgeverschap niet van toepassing zijn omdat arbeidsovereenkomst was geëindigd.