ECLI:NL:HR:2011:BO7108
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- A. Hammerstein
- J.C. van Oven
- F.B. Bakels
- Rechtspraak.nl
Toepasselijkheid en terhandstelling van algemene Fenit-voorwaarden in verbintenissenrecht
In deze zaak gaat het om de vraag of algemene voorwaarden, de zogenaamde Fenit-voorwaarden, rechtsgeldig zijn ter hand gesteld aan Attingo door First Data. Attingo had facturen van First Data onbetaald gelaten en voerde onder meer aan dat zij geen redelijke mogelijkheid had gehad om kennis te nemen van de algemene voorwaarden. Het hof oordeelde dat het enkel beschikbaar stellen van de voorwaarden via internet onvoldoende is om aan de norm van artikel 6:233 onder Pro b BW te voldoen, omdat de gebruiker het initiatief moet nemen om de wederpartij duidelijk te maken welke voorwaarden van toepassing zijn en dat deze eenvoudig kunnen worden ingezien.
De Hoge Raad bevestigt dit oordeel en wijst erop dat de voorwaarden niet rechtsgeldig langs elektronische weg zijn ter hand gesteld, omdat niet is vastgesteld dat Attingo hiermee uitdrukkelijk heeft ingestemd. Daarnaast vernietigt de Hoge Raad het arrest van het hof voor zover het de proceskosten in eerste aanleg en hoger beroep in reconventie compenseerde, en veroordeelt Attingo tot betaling van deze kosten aan First Data. De overige klachten van Attingo worden verworpen.
De uitspraak benadrukt het belang van een duidelijke en actieve bekendmaking van algemene voorwaarden, waarbij het enkel beschikbaar stellen via internet niet voldoende is, tenzij de wederpartij uitdrukkelijk instemt met elektronische kennisneming. Dit arrest verduidelijkt de toepassing van artikel 6:233 en Pro 6:234 BW omtrent de terhandstelling van algemene voorwaarden.
Uitkomst: Attingo wordt veroordeeld tot betaling van de proceskosten en de Fenit-voorwaarden zijn niet rechtsgeldig ter hand gesteld via internet.