ECLI:NL:HR:2010:BK3103
Hoge Raad
- Cassatie
- D.G. van Vliet
- P. Lourens
- C.B. Bavinck
- E.N. Punt
- M.A. Fierstra
- Rechtspraak.nl
Beoordeling motorrijtuigenbelasting tariefwijziging bestelauto en gelijkheidsbeginsel
Belanghebbende betaalde motorrijtuigenbelasting voor een bestelauto die hij uitsluitend privé gebruikte. Per 1 juli 2005 werd het lagere tarief voor bestelauto's afgeschaft, behalve voor ondernemers en invalidenvervoer. Belanghebbende maakte bezwaar tegen de hogere belasting, stellende dat dit onrechtvaardig was en in strijd met het gelijkheidsbeginsel en het EVRM.
De Rechtbank en het Hof verklaarden het bezwaar en hoger beroep ongegrond, waarbij het Hof oordeelde dat de wetgever onderscheid mocht maken tussen privégebruik en zakelijk gebruik van bestelauto's. Ook werd geoordeeld dat er geen disproportionele inbreuk was op het eigendomsrecht en dat het ontbreken van een overgangsregeling niet onredelijk was.
De Hoge Raad bevestigt deze oordelen en wijst het cassatieberoep af. De klacht over waardedaling van de bestelauto in combinatie met de tariefverhoging faalt omdat belanghebbende dit niet specifiek heeft onderbouwd. Er zijn geen gronden voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt ongegrond verklaard en het arrest van het Hof bevestigd.