ECLI:NL:HR:2003:AF5356
Hoge Raad
- Cassatie
- G.J. Zuurmond
- F.W.G.M. van Brunschot
- D.G. van Vliet
- C.B. Bavinck
- J.W. van den Berge
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad oordeelt over belastingplicht en aansprakelijkheid bij onttrekking aan extern douanevervoer
In deze zaak stond centraal de vraag of Liberexim B.V. als belanghebbende belastingplichtig was voor omzetbelasting die verschuldigd werd door onttrekking aan de douaneregeling extern douanevervoer. De Hoge Raad verwees naar een prejudiciële uitspraak van het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen waarin werd bepaald waar de onttrekking aan het douanetoezicht plaatsvindt en hoe deze moet worden beoordeeld.
De Hoge Raad stelde vast dat de onttrekking in Nederland had plaatsgevonden en dat volgens de Wet inzake de douane (WD) de belasting verschuldigd is door degene aan wie het document is afgegeven, met hoofdelijk mede-aansprakelijkheid voor bepaalde personen. De Hoge Raad oordeelde dat Liberexim B.V. niet degene was die de niet-zuivering van de documenten had veroorzaakt, noch de goederen in ontvangst had genomen, en dat de omstandigheden dat zij grote hoeveelheden melkpoeder had ingekocht en afspraken had gemaakt met vervoerders onvoldoende waren om aansprakelijkheid vast te stellen.
Daarmee werd het hofarrest vernietigd en de uitnodiging tot betaling van omzetbelasting deels teruggenomen. Tevens werden de proceskosten aan de zijde van belanghebbende toegewezen tegen de Staatssecretaris van Financiën en de Inspecteur. De Hoge Raad kon de zaak afdoen zonder verdere behandeling van het derde middel.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het hofarrest en oordeelt dat Liberexim B.V. niet hoofdelijk aansprakelijk is voor de omzetbelasting wegens onttrekking aan de douaneregeling.