Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Het geding in hoger beroep
2.Feiten
3.Beoordeling
€ 7.033,90
Gerechtshof Amsterdam
In deze effectenleasezaak staat centraal of de leaseovereenkomsten voor de afnemer een onaanvaardbaar zware financiële last opleverden en of bepaalde bedingen oneerlijk zijn. Het hof bevestigt de vaste jurisprudentie dat de leaseovereenkomsten als koop op afbetaling gelden en dat de afnemer twee derde van de restschuld en kosten vergoed moet krijgen indien sprake is van een onaanvaardbare last.
De hofformule wordt toegepast om het besteedbaar inkomen en de bestedingsnorm te berekenen, waaruit blijkt dat twee leaseovereenkomsten inderdaad een onaanvaardbaar zware last vormden. Daarnaast vernietigt het hof het beding dat Dexia het recht gaf om resterende termijnen bij wanbetaling op te eisen, omdat dit beding volgens het arrest van het HvJEU oneerlijk is.
Ook wordt de vraag van voordeelstoerekening behandeld, waarbij het hof overweegt dat de baten uit andere leaseovereenkomsten in mindering moeten worden gebracht op de schade. De beslissing over de voordeelstoerekening en de beoordeling van een mogelijk oneerlijk beding over beëindigingskosten worden aangehouden voor nadere behandeling.
Uitkomst: Het hof oordeelt dat twee leaseovereenkomsten een onaanvaardbaar zware financiële last vormden en vernietigt het beding over resterende termijnen; verdere beslissingen worden aangehouden.