Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Ontstaan en loop van het geding
2.Feiten
13 x a € 50,-
3.Geschil in hoger beroep
- kosten van het zelf kweken van cannabis;
- kosten van inkopen van cannabis en cannabisolie bij coffeeshops;
- kosten van behandelingen accupunctuur, Tui Na en fysiotherapie;
- kosten van supplementen, vitamines en Chinese kruiden in verband met de behandelingen accupunctuur en Tui Na;
- kosten van de tandarts;
- kosten van huid- en haarverzorging (drogist en apotheek);
- kosten van Thuiszorg;
- kosten van het lidmaatschap van de Crohn vereniging.
4.Beoordeling van het geschil
nr. CPP2009/1820M, van de staatssecretaris van Financiën, heeft het volgende te gelden.
In dat Besluit wordt als voorwaarde voor aftrek gesteld dat cannabis door een apotheek wordt verstrekt. Verweerder miskent daarbij echter dat het Besluit van 28 oktober 2009,
nr. CPP2009/1820M, bij het Besluit van 21 januari 2010, nr. DGB2010/372M, is komen te vervallen. Bovendien miskent verweerder dat reeds op grond van de wettelijke regeling de onderhavige uitgaven voor cannabis voor aftrek in aanmerking komen, ondanks dat de cannabis niet door een apotheek is verstrekt. Aan toepassing van een begunstigend beleidsbesluit wordt niet toegekomen.
verstrektop voorschrift van een arts” in de zin van artikel 6.17, lid 1, aanhef en onderdeel c, van de Wet IB 2001. Ook kan het daarmee niet op één lijn worden gesteld. Voorts acht het Hof geen grond voor het oordeel (zoals belanghebbende stelt) dat bij kweek van cannabis in eigen beheer het door partijen als zodanig aangeduide ‘verstrekking vereiste’ niet zou gelden. De tekst van wet, noch overigens, biedt daartoe aanleiding. Nu de zelf gekweekte cannabis niet is verstrekt in de zin van artikel 6.17, lid 1, aanhef en onderdeel c, van de Wet IB 2001, is aftrek van de met de zelfkweek gemoeide uitgaven niet mogelijk.
arts– als genoemd in artikel 6.17, lid 9, onderdeel a, van de Wet IB 2001 – hebben plaatsgevonden. Voorts is tussen partijen niet in geschil dat de niet-vergoede kosten dienaangaande – volgens een overzicht van de zorgverzekeraar van belanghebbende – € 152 bedragen en voor aftrek in aanmerking komen (zie 3.2). Het Hof zal partijen hierin volgen.
al een paar jaren door mij [is] behandeld” biedt hiervoor onvoldoende houvast. Overigens zijn ook in hoger beroep geen stukken overlegd waaruit volgt dat in 2012 acupunctuur- en Tui Na behandelingen door een arts hebben plaatsgevonden.
Hof: onderdeel 9 rechtbankuitspraak] staat dat eiseres genoodzaakt is om extra kosten voor supplementen te maken. Echter, uit deze verklaring blijkt niet dat eiseres de gestelde supplementen, vitamines en Chinese kruiden volgens de arts dient te gebruiken in het kader van haar ziekte. Dit betekent dat van deze middelen niet kan worden gezegd dat zij op voorschrift van een arts zijn verstrekt. In het midden kan daarom blijven of sprake is van farmaceutische hulpmiddelen. Overigens zijn de kosten ook niet onderbouwd met bewijzen.