Uitspraak
PROCESVERLOOP
OVERWEGINGEN
Inleiding
Het oordeel van de Raad
Conclusie en gevolgen
BESLISSING
- bevestigt de aangevallen uitspraak;
- veroordeelt het college in de proceskosten van betrokkene tot een bedrag van € 1.814,-.
Centrale Raad van Beroep
In deze zaak gaat het om de aanvraag van bijzondere bijstand op grond van de Participatiewet (PW) voor de intakekosten van bewindvoering. De rechtbank had geoordeeld dat het college deze bijstand met terugwerkende kracht moest verlenen op basis van het evenredigheidsbeginsel. Het college was het hier niet mee eens en stelde dat er geen bijzondere omstandigheden waren die verlening met terugwerkende kracht rechtvaardigden. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het college zich terecht op dat standpunt stelde, maar dat de motivering van de afwijzing onvoldoende was. De Raad concludeerde dat het college de bijstand voor de intakekosten met terugwerkende kracht moest toekennen, omdat de afwijzing niet deugdelijk was gemotiveerd. De Raad bevestigde de uitspraak van de rechtbank, maar met verbetering van gronden, en oordeelde dat het college in de proceskosten van betrokkene moest worden veroordeeld.