Uitspraak
SAMENVATTING
PROCESVERLOOP
OVERWEGINGEN
Inleiding
Het oordeel van de Raad
Conclusie en gevolgen
BESLISSING
- bevestigt de aangevallen uitspraak;
- verklaart het beroep gegrond en herroept het besluit van 10 februari 2021, voor zover daarbij een lager pgb-uurtarief is gehanteerd dan het in 5.4.1 bedoelde pgb-uurtarief;
- verklaart het beroep gegrond en herroept het besluit van 14 mei 2024, voor zover het pgbuurtarief van € 22,11 niet al per 15 januari 2021 is verstrekt;
- draagt het college op een nieuwe beslissing te nemen met inachtneming van deze uitspraak en bepaalt dat tegen dit besluit slechts beroep bij de Raad kan worden ingesteld;
- veroordeelt het college tot betaling aan appellant van een vergoeding van schade tot een bedrag van € 1.000,- ;
- veroordeelt de Staat der Nederlanden (minister van Justitie en Veiligheid) tot betaling aan appellant van een vergoeding van schade tot een bedrag van € 1.500,-;
- veroordeelt het college in de proceskosten van appellant tot een bedrag van € 2.008,75;
- veroordeelt de Staat der Nederlanden (minister van Justitie en Veiligheid) in de proceskosten van appellant tot een bedrag van € 656,25;
- bepaalt dat het college aan appellant het in beroep en in hoger beroep betaalde griffierecht van in totaal € 134,- vergoedt.