ECLI:NL:CRVB:2019:119
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vaststelling arbeidsongeschiktheid en geschiktheid voorbeeldfuncties in WIA-zaak
Appellant, werkzaam als meewerkend shiftleader, was arbeidsongeschikt verklaard met een mate van 45,53% per 8 augustus 2014. Het UWV had op basis van verzekeringsgeneeskundig en arbeidskundig onderzoek beperkingen vastgesteld en voorbeeldfuncties geselecteerd die medisch geschikt zijn voor appellant. Appellant stelde in bezwaar en beroep dat zijn beperkingen waren toegenomen en dat de geselecteerde functies niet passend waren, evenals dat de lonen van de functies onjuist waren vastgesteld.
De rechtbank Overijssel verklaarde het beroep van appellant ongegrond, omdat de medische gegevens geen aanleiding gaven de beperkingen te betwijfelen en appellant zijn stellingen onvoldoende onderbouwde. De Centrale Raad van Beroep bevestigt dit oordeel in hoger beroep. De diagnose COPD, waarop appellant zijn toegenomen beperkingen baseerde, kon niet worden gesteld volgens de behandelend longarts. De Raad ziet geen reden voor aanvullend deskundigenonderzoek.
De Raad oordeelt verder dat de geselecteerde voorbeeldfuncties voldoen aan het Schattingsbesluit arbeidsongeschiktheidswetten, niet ouder zijn dan 24 maanden en medisch geschikt zijn. De door appellant aangevoerde onjuistheden in de loonvaststelling worden verworpen, mede gelet op eerdere jurisprudentie die het gebruik van het CBBS-systeem als rechtens aanvaardbaar beschouwt. De Raad bevestigt de uitspraak van de rechtbank en wijst het hoger beroep af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de vaststelling van de arbeidsongeschiktheid en de geschiktheid van de voorbeeldfuncties en wijst het hoger beroep af.