ECLI:NL:RBNHO:2023:210
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beëindiging Ziektewet-uitkering wegens voldoende verdiencapaciteit
Eiseres, laatstelijk werkzaam als doktersassistente, maakte bezwaar tegen de beëindiging van haar Ziektewet-uitkering per 12 maart 2021, omdat zij volgens verweerder meer dan 65% van haar oude loon kan verdienen. De rechtbank heeft het beroep op 1 december 2022 behandeld en beoordeelt dat de medische en arbeidskundige beoordelingen voldoende rekening houden met de psychische klachten, migraine en functionele beperkingen van eiseres.
Eiseres voerde aan dat haar psychische klachten, paniekaanvallen en migraine onvoldoende waren meegewogen en dat zij vanwege rustmomenten niet acht uur per dag kan werken. De rechtbank oordeelt dat deze stellingen onvoldoende zijn onderbouwd met objectieve medische stukken en dat de verzekeringsarts bezwaar en beroep deze klachten adequaat heeft meegewogen.
Ook de bezwaren tegen de geschatte functies en de belasting daarvan, zoals het klein priegelwerk en kort cyclisch torderen, worden door de rechtbank verworpen. De rechtbank volgt de arbeidsdeskundige die concludeert dat de beperkingen niet leiden tot excessief ziekteverzuim boven de 25%-grens.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt daarmee het besluit van verweerder dat eiseres geen recht meer heeft op een Ziektewet-uitkering per 12 maart 2021. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de beëindiging van de Ziektewet-uitkering per 12 maart 2021 bevestigd.