ECLI:NL:CRVB:2013:2204
Centrale Raad van Beroep
- Tussenuitspraak bestuurlijke lus
- J.W. Schuttel
- R.E. Bakker
- K. Wentholt
- Rechtspraak.nl
Tussenuitspraak over onvolledige motivering bij herbeoordeling WIA-uitkering
Appellant viel in 2007 uit wegens fysieke en psychische klachten en vroeg een WIA-uitkering aan. De primaire verzekeringsarts stelde een urenbeperking van 30 uur per week vast, maar het UWV kende aanvankelijk geen uitkering toe vanwege minder dan 35% arbeidsongeschiktheid. Na bezwaar werd alsnog een uitkering toegekend, maar het UWV trok dit besluit later in na heroverweging door een bezwaarverzekeringsarts die minder beperkingen vaststelde.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen deze intrekking ongegrond. Appellant ging in hoger beroep en stelde dat de psychische beperkingen waren onderschat, dat de verzekeringsartsen de protocollen niet hadden gevolgd en dat de bezwaarverzekeringsarts onvoldoende had gemotiveerd waarom hij de urenbeperking had laten vervallen.
De Raad oordeelde dat de protocollen slechts hulpmiddelen zijn en dat het ontbreken van expliciete verwijzing niet tot onzorgvuldigheid leidt. Wel concludeerde de Raad dat de bezwaarverzekeringsarts onvoldoende inzichtelijk heeft gemaakt waarom hij afweek van de urenbeperking van de primaire arts, vooral omdat deze laatste uit preventieve overwegingen een beperking had vastgesteld die aansluit bij het standpunt van de psychotherapeute. Daarnaast had de bezwaarverzekeringsarts moeten overleggen met de primaire arts, wat niet is gebeurd.
De Raad draagt het UWV op binnen zes weken het gebrek in het bestreden besluit te herstellen door een adequate motivering te geven voor de bijstelling van de Functionele Mogelijkhedenlijst.
Uitkomst: Het UWV wordt opgedragen het gebrek in de motivering van het bestreden besluit binnen zes weken te herstellen.