ECLI:NL:CRVB:2008:BF4613
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- J.J.A. Kooijman
- Rechtspraak.nl
Vernietiging terugvorderingsbesluit bij bijstand wegens niet adequaat handelen gemeente
Appellante ontving aanvullende bijstand als alleenstaande ouder. Na vertrek van haar minderjarige dochter bij haar vader, meldde zij dit tijdig aan de gemeente. Desondanks wijzigde de gemeente de bijstandsnorm pas later en vorderde zij teveel betaalde bijstand terug.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond, maar in hoger beroep oordeelde de Raad dat de gemeente niet adequaat had gereageerd op de tijdige melding, waardoor de terugvordering onnodig opliep. De Raad stelde dat het College gedeeltelijk van terugvordering had moeten afzien voor de periode meer dan zes maanden na ontvangst van de wijzigingsmelding.
De Raad vernietigde het besluit voor zover het de terugvordering betreft en beval het College een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens veroordeelde de Raad het College in de proceskosten van appellante.
Uitkomst: Het terugvorderingsbesluit van 16 mei 2006 wordt vernietigd en het College moet een nieuw besluit nemen met gedeeltelijke kwijtschelding.