ECLI:NL:CRVB:2005:AS8919
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G. van der Wiel
- R.C. Stam
- M.C.M. van Laar
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak over gedifferentieerde premie WAO en beroepsrecht werkgever
In deze zaak gaat het om het hoger beroep van een werkgever tegen besluiten van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) betreffende de vaststelling van de gedifferentieerde premie WAO over 2001 en 2002. De gedifferentieerde premie is mede gebaseerd op een aan een (ex-)werkneemster toegekende WAO-uitkering vanwege arbeidsongeschiktheid die tijdens het dienstverband is ontstaan.
De werkgever heeft bezwaar gemaakt tegen deze besluiten en tegen de toekenning van de WAO-uitkering zelf, maar deze bezwaren en eerdere beroepsprocedures zijn ongegrond verklaard. De Raad overweegt dat de werkgever als belanghebbende het recht heeft om de toekenning en voortzetting van WAO-uitkeringen aan zijn werknemers aan de rechter voor te leggen, en dat artikel 87e WAO dit beroepsrecht niet beperkt.
Verder oordeelt de Raad dat de gedifferentieerde premie een legitieme en rechtmatige maatregel is die werkgevers stimuleert tot preventie en reïntegratie, en dat de regeling geen individuele en buitensporige last oplegt. Ook het beroep op het gelijkheidsbeginsel en het willekeurverbod wordt verworpen. De Raad bevestigt daarom de eerdere uitspraak en wijst het hoger beroep af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de uitspraak dat de gedifferentieerde premie WAO rechtmatig is en wijst het hoger beroep van de werkgever af.