ECLI:NL:CRVB:2002:AE3942
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.A.A.G. Vermeulen
- A. Beuker-Tilstra
- R. Kooper
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkverklaring bezwaar tegen beëindiging persoonlijke toelage ambtenaar
Appellant, werkzaam als zuiveringstechnicus bij de Stichting Dienst Waterbeheer en Riolering Amsterdam en Amstel, Gooi en Vechtstreek, werd per 1 januari 1998 bevorderd naar schaal 7 en ontving sindsdien geen persoonlijke toelage meer. Hij maakte bezwaar tegen de beëindiging van deze toelage, maar dit bezwaar werd niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de wettelijke termijn.
De rechtbank had het beroep van appellant ongegrond verklaard, stellende dat de salarisbetalingen vanaf januari 1998 als uitvoeringshandelingen gelden waartegen tijdig bezwaar had moeten worden gemaakt. Appellant ontkende het bevorderingsbesluit te hebben ontvangen, maar de Raad oordeelde dat uit de salarisspecificaties en het contact met leidinggevenden bleek dat appellant op de hoogte was van de wijziging.
De Raad benadrukte dat elke salarisbetaling een besluit inhoudt waartegen bezwaar kan worden gemaakt, maar dat de rechtsgeldigheid van een eerder onaantastbaar geworden besluit niet bij elke betaling opnieuw kan worden betwist. Het bezwaar van appellant richtte zich niet tegen het functiewaarderingsbesluit maar tegen de beëindiging van de toelage, waartegen de termijn was verstreken.
Daarom is de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar terecht en wordt de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er zijn geen gronden voor toepassing van artikel 8:75 Awb Pro om de niet-ontvankelijkverklaring achterwege te laten.
Uitkomst: Het bezwaar van appellant tegen de beëindiging van de persoonlijke toelage wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de bezwaarperiode.