ECLI:NL:CRVB:2001:ZB9147
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- W.D.M. van Diepenbeek
- T. Hoogenboom
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit arbeidsongeschiktheid en hernieuwde beoordeling na verkeersongeval
Appellant, voormalig rayonmanager en zelfstandig ondernemer, werd na een verkeersongeval in 1993 door het Landelijk instituut sociale verzekeringen (Lisv) geweigerd voor arbeidsongeschiktheidsuitkeringen op grond van de AAW en WAO. Het besluit stelde dat zijn arbeidsongeschiktheid minder dan 25% respectievelijk 15% bedroeg. De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat hij niet-ontvankelijk verklaard had moeten worden omdat Lisv het besluit had ingetrokken. De Raad oordeelde dat door een procedurefout van de rechtbank deze intrekking niet rechtsgeldig was. Medische rapporten van deskundigen bevestigden dat appellant niet verder beperkt was dan eerder vastgesteld, ondanks een tegenrapport van prof. Notermans.
Gedaagde wijzigde later zijn standpunt over de combinatie van functies en de omvang van de maatmanarbeid, waardoor de arbeidskundige grondslag van het besluit kwam te vervallen. De Raad vernietigde daarom het besluit en de uitspraak van de rechtbank en beval een nieuw besluit met inachtneming van de overwegingen.
De Raad wees ook op het ontbreken van voldoende gegevens over schadevergoeding en veroordeelde gedaagde in de proceskosten van appellant voor zowel eerste aanleg als hoger beroep.
Uitkomst: Het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank worden vernietigd en Lisv wordt bevolen een nieuw besluit te nemen.