ECLI:NL:RVS:2024:1085
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing hoger beroep tegen niet-ontvankelijkheid aanvraag verblijfsvergunning asiel
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft op 8 november 2023 een aanvraag van een vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen niet-ontvankelijk verklaard. De vreemdeling, mede namens zijn minderjarige zoon, heeft hiertegen beroep ingesteld bij de rechtbank Den Haag, die dit beroep op 16 februari 2024 ongegrond verklaarde.
De vreemdeling stelde vervolgens hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en verzocht tevens om een voorlopige voorziening. De Afdeling overwoog dat de rechtsvraag die aan de orde was reeds eerder was beantwoord in een uitspraak van 24 juni 2022 (ECLI:NL:RVS:2022:1788) met betrekking tot de situatie in Italië voor statushouders.
Op grond hiervan bood het hoger beroep geen aanleiding om anders te oordelen dan de rechtbank. De voorzieningenrechter wees daarom het verzoek om voorlopige voorziening af en bevestigde de niet-ontvankelijkverklaring van de aanvraag verblijfsvergunning asiel. De uitspraak werd gedaan op 14 maart 2024.
Uitkomst: Het hoger beroep tegen de niet-ontvankelijkverklaring van de aanvraag verblijfsvergunning asiel wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.