Uitspraak
Datum uitspraak: 24 februari 2021
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Raad van State
De burgemeester van Waalwijk sloot op 21 mei 2019 een erf met woonwagen en opstallen vanwege het aantreffen van een met houten schotten afgeschermde ruimte met voorwerpen die vermoedelijk bestemd waren voor hennepteelt. De politie constateerde onder meer een schakelbord, koolstoffilter, zwart folie met hennepresten en een gefraudeerde elektriciteitsmeter, wat brandgevaar opleverde.
De rechtbank oordeelde dat de ernst van de overtreding onvoldoende was voor sluiting en gaf zwaarwegend gewicht aan het huisrecht van de appellant en haar minderjarige kinderen, waardoor zij volstond met een waarschuwing. Zowel de burgemeester als de appellant gingen in hoger beroep.
De Raad van State overwoog dat de burgemeester op grond van artikel 13b van de Opiumwet bevoegd is tot sluiting indien sprake is van voorwerpen bestemd voor bedrijfsmatige hennepteelt. De aangetroffen ruimte was geschikt voor meer dan vijf planten en voldeed aan meerdere indicatoren van professionaliteit. De Raad stelde dat de aanwezigheid van minderjarige kinderen niet zonder meer sluiting uitsluit en dat de burgemeester rekening had gehouden met passende opvangmogelijkheden.
De Raad vernietigde het vonnis van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep van de burgemeester gegrond, waarmee de sluiting van de woning werd bevestigd. Het incidenteel hoger beroep van de appellant werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de sluiting van de woning wegens vermoedelijke bedrijfsmatige hennepteelt en verklaart het hoger beroep van de burgemeester gegrond.