ECLI:NL:RVS:2020:486
Raad van State
- Hoger beroep
- D.A.C. Slump
- C.M. Wissels
- H.C.P. Venema
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bestuurlijke boete wegens niet-deugdelijke urenregistratie volgens Arbeidstijdenwet
De minister van Infrastructuur en Waterstaat legde appellant een bestuurlijke boete op wegens overtreding van de Arbeidstijdenwet, omdat de urenregistratie niet overeenkwam met de bestuurderskaarten. De rechtbank bevestigde de boete en stelde het moment van overtreding vast op 9 mei 2016, het moment van inspectie. Appellant stelde hoger beroep in met het argument dat het moment van overtreding eerder lag en dat uitzendkrachten niet meegeteld mochten worden bij de bedrijfsgrootte.
De Raad van State oordeelde dat het tijdstip van de inspectie bepalend is voor het moment van overtreding, omdat de gegevens van de bestuurderskaart minimaal twaalf maanden bewaard moeten worden. De minister mocht uitzendkrachten meetellen als werknemers, omdat zij onder gezag van appellant arbeid verrichten en de registratieplicht voor hen geldt. Het beroep op matiging van de boete wegens overmacht faalde, omdat de bestuurder zijn kaart al kwijt was en de registratieplicht al bestond.
De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigde daarmee de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond. Er werd geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de boete van €41.000,- wegens niet-deugdelijke urenregistratie en verklaart het hoger beroep ongegrond.