ECLI:NL:RVS:2020:214
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vaststelling normaal maatschappelijk risico bij planschade door bestemmingsplanvlonderterras
Het college van burgemeester en wethouders van Eijsden-Margraten kende aan twee eigenaren van woningen aan weerszijden van een eetcafé een tegemoetkoming in planschade toe wegens waardevermindering door de aanleg van een vlonderterras. De rechtbank stelde het normaal maatschappelijk risico op 4% van de woningwaarde, waardoor lagere bedragen werden toegekend dan het college had bepaald. Zowel de eigenaren als het college gingen in hoger beroep.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat de rechtbank terecht had geoordeeld dat het normaal maatschappelijk risico van 2% onvoldoende was gemotiveerd, maar dat het vastgestelde percentage van 4% onvoldoende rekening hield met de aard en omvang van de schade. Gezien de ingrijpende planologische ontwikkeling en de uitzonderlijk hoge schade stelde de Afdeling het normaal maatschappelijk risico vast op 3% van de woningwaarde.
Daarnaast verwierp de Afdeling de bezwaren tegen de planvergelijking en de beoordeling van de overlast. Ook wees zij het verzoek van een appellant af om vergoeding van deskundigenkosten, omdat deze niet tijdig en gespecificeerd waren ingediend.
De Afdeling vernietigde het deel van de uitspraak van de rechtbank over het normaal maatschappelijk risico en bepaalde dat het college aan de eigenaren hogere tegemoetkomingen moest toekennen. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierechten.
De uitspraak bevestigt het belang van een zorgvuldige motivering van het normaal maatschappelijk risico bij planschade en benadrukt dat bijzondere omstandigheden kunnen leiden tot afwijking van standaardpercentages.
Uitkomst: Het normaal maatschappelijk risico wordt vastgesteld op 3% van de woningwaarde, met hogere tegemoetkomingen en proceskostenvergoedingen voor de appellanten.