ECLI:NL:RVS:2018:3790
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- A.B.M. Hent
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake omgevingsvergunning nertsenhouderij Bergeijk
Het college van burgemeester en wethouders van Bergeijk verleende op 10 januari 2017 een omgevingsvergunning voor de bouw van een veestal en loods en een revisievergunning voor het houden van 13.000 nertsen op een perceel te Bergeijk. Tegen dit besluit werd door meerdere appellanten beroep ingesteld bij de rechtbank Oost-Brabant, die het besluit vernietigde wegens strijd met de Verordening Ruimte 2014 en wijzigde een voorschrift.
Het college stelde incidenteel hoger beroep in bij de Raad van State, die de zaak op 22 oktober 2018 behandelde. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het bouwplan niet in strijd is met het bestemmingsplan, dat het project uitvoerbaar is ondanks de Wet verbod pelsdierhouderijen, en dat het college terecht de Handreiking geurhinder hanteerde bij de beoordeling van cumulatieve geurhinder. Ook werd geoordeeld dat de ammoniakemissie niet leidt tot nadelige gezondheidseffecten en dat het college niet verplicht was een alarminstallatie te voorschrift te maken.
De Raad van State verklaarde het incidenteel hoger beroep van het college gegrond, vernietigde het deel van de uitspraak van de rechtbank dat het besluit vernietigde, en verklaarde het beroep van appellanten ongegrond. De overige onderdelen van de uitspraak werden bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de omgevingsvergunning wordt ongegrond verklaard en het besluit van het college wordt bevestigd.