ECLI:NL:RVS:2018:1803
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- B.P. Vermeulen
- J.J. van Eck
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens onvoldoende motivering tatoeageverwijdering
De vreemdeling uit Irak vroeg asiel aan vanwege een gegronde vrees voor vervolging door zijn bekering tot het christendom en een zichtbare christelijke tatoeage in zijn hals. De staatssecretaris wees de aanvraag af en de rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. In hoger beroep stelde de vreemdeling dat hij niet aannemelijk kon maken dat hij zijn tatoeage kon bedekken en dat het verwijderen of aanpassen van de tatoeage in strijd zou zijn met grondrechten.
De Afdeling stelde vast dat de bekering niet geloofwaardig was, maar dat de tatoeage een reëel risico op vervolging oplevert. De staatssecretaris stelde dat van de vreemdeling verwacht mag worden dat hij de tatoeage verwijdert of aanpast, maar motiveerde dit onvoldoende en hield onvoldoende rekening met grondrechten op lichamelijke integriteit.
De Afdeling oordeelde dat het besluit van 20 januari 2017 niet deugdelijk is gemotiveerd en vernietigde het besluit en de uitspraak van de rechtbank. De staatssecretaris moet zijn standpunt nader motiveren met inachtneming van grondrechten en jurisprudentie. De staatssecretaris werd tevens veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten.
Uitkomst: Het besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning asiel wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering omtrent de eis tot verwijdering of aanpassing van de tatoeage.