ECLI:NL:RBDHA:2020:5546
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vierde asielaanvraag Hazara uit Afghanistan wegens onvoldoende geloofwaardigheid en risico-inschatting
Eiser, van Afghaanse nationaliteit en behorend tot de Hazara bevolkingsgroep, heeft meerdere asielaanvragen ingediend die telkens zijn afgewezen. Zijn vierde aanvraag werd afgewezen als kennelijk ongegrond en het eerder opgelegde inreisverbod van twee jaar werd gehandhaafd.
De rechtbank oordeelt dat de gestelde homoseksuele geaardheid niet geloofwaardig is gemaakt, mede door summiere en onvoldoende onderbouwde verklaringen van eiser. Ook de vrees voor vervolging wegens afvalligheid op grond van tatoeages wordt niet gevolgd, aangezien deze tatoeages geen religieuze betekenis hebben en er geen reëel risico is op schending van artikel 3 EVRM Pro bij terugkeer naar Afghanistan.
De rechtbank stelt dat de verkrachting in Iran niet relevant is voor de asielmotieven, die worden getoetst aan de situatie in Afghanistan. Hoewel eiser tot een risicogroep behoort, is onvoldoende gebleken van geringe indicaties voor vervolging of ernstige schade. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de vierde asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het inreisverbod gehandhaafd.