ECLI:NL:RVS:2016:27
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank over weigering Wob-verzoek wegens omvang en misbruik
Het college van burgemeester en wethouders van Súdwest-Fryslân heeft een verzoek om informatie op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) afgewezen vanwege de grote werklast die het opzoeken van de gevraagde informatie zou vergen. De verzoeker had gevraagd om geanonimiseerde beslissingen over kwijtscheldingsverzoeken van teruggevorderde bedragen over een bepaalde periode. De rechtbank oordeelde dat het college het verzoek ten onrechte had afgewezen op grond van de omvang van het verzoek en dat er geen sprake was van misbruik van recht.
Het college stelde in hoger beroep dat de verzoeker het Wob-verzoek had ingediend met het doel om kwijtschelding van zijn eigen schuld te verkrijgen, wat misbruik van recht zou zijn. De Raad van State overwoog dat misbruik van recht alleen kan worden aangenomen bij zwaarwichtige gronden en dat het enkele feit dat het verzoek omvangrijk is en veel werk vergt, niet volstaat. De verzoeker had zijn verzoek bovendien beperkt tijdens de procedure en had een redelijk doel met het verzoek.
De Raad van State bevestigde dat de Wob niet voorziet in een weigering op grond van de omvang van het verzoek en dat het college het verzoek niet terecht had afgewezen. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep van het college wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.