Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
uitspraak van de meervoudige kamer van 13 april 2026 in de zaak tussen
Klooster Boslust B.V., uit Loenen aan de Vecht, eiseres
Samenvatting
Procesverloop
16 oktober 2023 en 20 december 2023. Met de beslissing op bezwaar van 2 april 2024 en
28 mei 2024 is het college afgeweken van het ter zake gegeven advies van de commissie bezwaarschriften en is het college bij die afwijzingen gebleven. Het derde verzoek heeft het college bij besluit van 9 februari 2024 niet in behandeling genomen. Ook deze beslissing heeft het college gehandhaafd bij besluit van 18 juni 2024.
[naam] en de gemachtigde van het college.
Beoordeling door de rechtbank
7 september 2023 wordt namelijk verzocht om publieke informatie op grond van de Woo. Op grond van de hoofdregel is dit verzoek daarom te kwalificeren als Woo-verzoek. De rechtbank stelt verder vast dat het verzoek niet uitsluitend ziet op documenten uit de procedure(s) waarin eiseres direct betrokken is. Dit alleen al omdat het verzoek zich uitstrekt over een langere periode. Het standpunt van het college dat geen sprake is van een Woo-verzoek omdat er over een bepaalde periode geen documenten zouden bestaan, houdt geen stand. Voor de kwalificatie van een verzoek als Woo-verzoek is immers niet bepalend of daadwerkelijk documenten aanwezig zijn. Doorslaggevend is of wordt verzocht om openbaarmaking van informatie die is neergelegd in documenten waarover het bestuursorgaan beschikt of geacht wordt te beschikken. Dat een zoekslag – waarvan overigens niet is gebleken dat het college deze heeft verricht – mogelijk geen documenten oplevert, doet daarom niet af aan het karakter van het verzoek als een Woo-verzoek. Als er geen documenten beschikbaar zijn, moet het college dit in het besluit op het Woo-verzoek kenbaar maken. Daarbij moet het college motiveren dat het naar aanleiding van het verzoek een zorgvuldige zoekslag heeft verricht binnen de daarvoor in aanmerking komende systemen en archieven en dat dit geen documenten heeft opgeleverd die onder de reikwijdte van het verzoek vallen.
Conclusie en gevolgen
Beslissing
- verklaart de beroepen in de zaken 24/3028, 24/3576 en 24/3788 gegrond;
- vernietigt de bestreden besluiten van 2 april 2024, 28 mei 2024 en 18 juni 2024;
- bepaalt dat het college het griffierecht van € 1.113,- aan eiseres moet vergoeden;
- veroordeelt het college tot betaling van € 1.868,- aan proceskosten aan eiseres.
Informatie over hoger beroep
Bijlage: voor deze uitspraak belangrijke wet- en regelgeving
(…)