ECLI:NL:RVS:2012:BY4412
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- A.W.M. Bijloos
- J. Kramer
- Rechtspraak.nl
Bevestiging sluitingsbevel woning wegens aanwezigheid grote hoeveelheden hard- en softdrugs
De zaak betreft een hoger beroep tegen een uitspraak van de voorzieningenrechter die het besluit van de burgemeester bevestigde om een woning te sluiten voor de maximale duur van twaalf maanden op grond van artikel 13b van de Opiumwet. De burgemeester had de last onder bestuursdwang opgelegd nadat bij een politieonderzoek grote hoeveelheden harddrugs, softdrugs en aan drugshandel gerelateerde middelen in de woning waren aangetroffen.
Appellante voerde onder meer aan dat de burgemeester niet bevoegd was tot het opleggen van de last, dat de sluiting onevenredig was en dat onvoldoende rekening was gehouden met haar belangen en die van haar dochter. Ook werd betoogd dat het tijdsverloop sinds de vondst van de middelen de sluiting niet langer rechtvaardigde.
De Raad van State overwoog dat de burgemeester beleidsvrijheid heeft bij de toepassing van artikel 13b Opiumwet en dat de rechter terughoudend moet toetsen. Gezien de omvang en aard van de aangetroffen middelen mocht de burgemeester de woning sluiten zonder voorafgaande waarschuwing. Het tijdsverloop was niet onredelijk lang, mede gezien vervolgonderzoeken en bezwaarprocedures. Tevens was voldoende rekening gehouden met de belangen van appellante en haar dochter, onder meer doordat zij tijd kreeg om alternatieve woonruimte te vinden.
De Raad van State concludeerde dat het besluit niet in strijd is met artikel 8 EVRM Pro, omdat de inmenging bij wet is voorzien en noodzakelijk is ter voorkoming van strafbare feiten en bescherming van rechten van anderen. Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de voorzieningenrechter bevestigd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt het besluit tot sluiting van de woning voor twaalf maanden wegens aanwezigheid van grote hoeveelheden hard- en softdrugs.