ECLI:NL:RVS:2008:BC3006
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins de Vin
- T.M.A. Claessens
- R. van der Spoel
- Rechtspraak.nl
Vaststelling dat rechterlijke uitspraak geen nieuw feit is bij herhaalde asielaanvraag
De zaak betreft een hoger beroep tegen de uitspraak van de voorzieningenrechter die een eerdere afwijzing van een asielaanvraag vernietigde op grond van nieuwe rechterlijke inzichten. De vreemdeling had een nieuwe aanvraag ingediend nadat een eerdere aanvraag was afgewezen en ondersteunde zijn verzoek met recente jurisprudentie en een rapport van de UNHCR over Griekenland.
De voorzieningenrechter had geoordeeld dat de nieuwe jurisprudentie en inzichten als nieuwe feiten en veranderde omstandigheden konden gelden, waardoor het eerdere besluit niet kon standhouden. De staatssecretaris stelde echter dat rechterlijke uitspraken geen nieuwe feiten zijn en dat ook nieuwe interpretaties daarvan niet als zodanig kunnen worden aangemerkt.
De Raad van State stelt dat rechterlijke uitspraken, ook indien zij op nieuwe inzichten berusten, geen nieuwe feiten of veranderde omstandigheden vormen in de zin van artikel 4:6 Awb Pro. Dit betekent dat het eerdere besluit niet opnieuw kan worden getoetst op basis van deze jurisprudentie. Het hoger beroep van de staatssecretaris wordt gegrond verklaard, de uitspraak van de voorzieningenrechter vernietigd en het beroep van de vreemdeling ongegrond verklaard.
De Raad van State verklaart zich onbevoegd kennis te nemen van het hoger beroep tegen de afwijzing van voorlopige voorzieningen en wijst het inleidende beroep af. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de voorzieningenrechter vernietigd.