Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 27 juni 2023 in de zaak tussen
[naam eiseres] , uit [plaatsnaam] , eiseres
De minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit
Procesverloop
Overwegingen
K-PL-WLZ-WV01 bijlage 7 is geteld. De rechtbank ziet geen aanleiding om niet van die mededeling in beide rapporten uit te gaan. In die werkinstructie staat dat alleen bloedingen worden geteld die minimaal drie centimeter groot en donkerrood tot paars van kleur zijn. De rechtbank vindt het voldoende aannemelijk dat er een aanzienlijk verschil zit tussen de kleur van een verse bloeding en die van een oudere bloeding waarvan het bloed al (deels) gestold is of onderhuids verkleurd en dat dit verschil door een deskundig dierenarts goed kan worden vastgesteld. De rechtbank ziet zich hierin bevestigd door uitspraken van het CBb (onder meer ECLI:NL:CBB:2021:470 en ECLI:NL:CBB:2022:168) waarin het CBb concludeert dat er geen aanknopingspunten zijn voor het oordeel dat de methode van het vaststellen van vangletsel aan de slachtlijn niet deugdelijk is.
24 november 2020. Dit is weliswaar te laat, maar de termijn van artikel 5:51, eerste lid van de Awb moet als een termijn van orde worden aangemerkt (TK 2003-2004, 29702, nr. 3,
p. 150), dus overschrijding daarvan leidt als zodanig niet tot verval van de bevoegdheid om een boete op te leggen. Eiseres is in de gelegenheid gesteld om een zienswijze op het voornemen naar voren te brengen en om bezwaar en beroep in te stellen, zodat zij zich heeft kunnen verdedigen. Gelet op de mate van overschrijding en nu niet is gebleken dat eiseres daardoor in haar belangen is geschaad, ziet de rechtbank geen aanleiding om de boete om die reden te matigen.
Conclusie en gevolgen
Beslissing
de uitspraak te tekenen.